TIM MERLIER HERVAT MORGEN IN RONDE VAN LIMBURG Als hij toestemming krijgt van Giro-organisator RCS, en dat is wat wordt verwacht, hervat Tim Merlier morgen de competitie in de Ronde van Limburg. Dat is aan WielerFlits bevestigd door zijn team Alpecin-Fenix. Julien Vermote stond op de voorlopige deelnemerslijst van de Ronde van Limburg, de 1.1-semiklassieker die morgen tussen Hasselt en Tongeren wordt verreden. Maar Vermote is nog niet wedstrijdklaar. Sprinter Tim Merlier wordt wel aan de selectie van Alpecin-Fenix toegevoegd, al moet daarvoor nog een officiële toestemming van Giro-organisator RCS in de mailbox vallen. Merlier, die in de Ronde van Italië de eerste rit in lijn op zijn naam schreef, verliet begin deze week de Giro nadat hij al enkele dagen kampte met maag- en darmklachten en vermoeidheidsverschijnselen. Een volle week later is de Oost-Vlaming dus voldoende hersteld om van start te gaan in Hasselt, maar als de rittenkoers waarin je opgaf nog aan de gang is, heb je officieel toestemming nodig van de organisator in kwestie. De Ronde van Limburg werd in de loop van vorig jaar overgenomen door Flanders Classics en heeft met Mathieu van der Poel (2x) en Wout van Aert enkele mooie namen op haar recente erelijst. Merlier is morgen meteen een van de kanshebbers op winst, samen met Danny van Poppel, John Degenkolb en Olav Kooij. Noem eens een wegwedstrijd met zowel Wout van Aert als Mathieu van der Poel op de erelijst. Uiteraard zijn de Strade Bianche en Amstel Gold Race juiste antwoorden, maar vergeet ook de Ronde van Limburg niet. Op Pinkstermaandag is het traditioneel weer koers in Belgisch Limburg, op een terrein dat voer is voor snelle mannen die een lastige finale kunnen overleven. Wie treedt in de voetsporen van Van Aert en Van der Poel? WielerFlits blikt vooruit. Historie Eerst en vooral: verwar deze Ronde van Limburg zeker niet met de Nederlandse variant uit de Topcompetitie, die onder andere de Gulperenberg en Cauberg aandoet in Nederlands Limburg. Deze Ronde van Limburg heeft zijn oorsprong in de Belgisch-Limburgse stad Hasselt. Daar zag de eendagswedstrijd al in 1908 het levenslicht. Ter vergelijking: de Ronde van Vlaanderen stond vijf jaar later, in 1913, pas voor het eerst op de kalender. Het was de krant Le Vélo die toen instond voor de organisatie, maar toch al na twee edities besloot te verhuizen richting het nabijgelegen Sint-Truiden. Daar zou tot en met 1994 – met uitzondering van de oorlogsjaren – de vaste thuisbasis van deze wedstrijd liggen. De erelijst oogt fraai, met laureaten als Pol Deman (de eerste winnaar van de Ronde van Vlaanderen), Marcel Kint, Rik Van Steenbergen, Peter Post, Frans Verbeeck, Erik Vanderaerden en Eddy Planckaert. De eerste winnaar was destijds de relatief onbekende Alfons Lauwers uit Wezemaal. Tot op de dag van vandaag is hij met zijn twee overwinningen nog altijd recordhouder. Al moet hij die titel wel delen met Ernest Sterckx (ook recordhouder in de Omloop Het Nieuwsblad), Jozef Abelshausen, Eric Vanderaerden en… Mathieu van der Poel. Een gebrek aan sponsoren lag aan de basis van de teloorgang van de Ronde van Limburg. Maar toch had SMB Organisations in 2012 het lef om de koers nieuw leven in te blazen. Tongeren, de oudste stad van België, zou de nieuwe thuisbasis worden. Oorspronkelijk betrof het een UCI 1.2-koers, vanaf 2014 zette men de stap naar het niveau van UCI 1.1. Daar maakte Mathieu van der Poel in 2014 dankbaar gebruik van om hier zijn allereerste profzege te boeken. Drie jaar later was Wout van Aert aan de beurt. Dat gaf deze wedstrijd meteen een tikkeltje meer aanzien. Vorig jaar was er vanwege de coronapandemie geen editie van de Ronde van Limburg. Het zette de organisatie op scherp. Men besloot terug te keren naar de roots, en de start weer in Hasselt te leggen. De aankomst blijft in handen van de stad Tongeren. Ook opvallend: de organisatie is tegenwoordig in handen van Flanders Classics, dat ook klassiekers als de Omloop Het Nieuwsblad, Gent-Wevelgem en de Ronde van Vlaanderen in de portefeuille heeft. Met de afgelasting van vorig jaar in het achterhoofd, dateert de meest recente editie van de Ronde van Limburg al van 2019. Toen was de Limburgse trots Jasper Philipsen de grote man aan het vertrek. De Vlam van Ham had zijn toenmalige equipe UAE-Emirates kunnen overhalen om met een vijftal renners naar Tongeren af te zakken. De mannen uit de Emiraten waren ook de enige WorldTour-formatie aan het vertrek, waardoor alle ogen op hen waren gericht. De aanval is de beste verdediging in zulke situaties, moet Jasper Philipsen gedacht hebben. De Limburger besloot de sprint niet af te wachten en gooide meteen de vlam in de pijp. Philipsen koerste aanvallend, en had lange tijd Nederlander Sjoerd Bax nog aan zijn zijde. Maar met Tongeren in zicht, ging Philipsen zelf helemaal alleen op pad. De renners van Roompot-Charles en Delko Marseille Provence bundelden de krachten in de slotfase voor hun sprinters Boy van Poppel en Eduard-Michael Grosu. Met de streep in zicht werd Philipsen in extremis bij de lurven gevat. Grosu ging op de licht oplopende finishstrook als eerste aan, en werd niet meer geremonteerd door Simone Consonni. De Roemeen kwam zelfs licht afgescheiden over de aankomst. Symbolischer dan Hasselt kan de startplaats van deze wedstrijd nauwelijks zijn. Als provinciehoofdstad is Hasselt sowieso de beste vertegenwoordiger van de Ronde van Limburg, maar dat in 1908 uitgerekend hier de eerste editie doorging, maakt het plaatje helemaal compleet. De renners vertrekken op de Slachthuiskaai en maken nog een ommetje rond de stad. De roots van deze wedstrijd wordt allesbehalve vergeten, want via Alken gaat het al snel richting Sint-Truiden, jarenlang de thuisbasis van de Ronde van Limburg. Via Borgloon en Bilzen – bekend van tennisster Kim Clijsters – gaat het richting de eerste van veertien hellingen. In Vlaams Limburg is het namelijk allesbehalve vlak. Scherprechter Burchtheuvel wordt na 34 kilometer al een eerste keer aangedaan, gevolgd door de Glinberg en tweemaal de Leteberg en Keiberg. Dat zijn hellingen die in de kleren zullen kruipen, maar waar nog niet de grote schifting gemaakt zal worden. Na 110 kilometer koers passeren de renners voor het eerst aan de aankomst in Tongeren en in de laatste 90 kilometer zal hoogst waarschijnlijk de echte finale beginnen. Drie rondjes van om en bij de 32 kilometer liggen er dan nog te wachten, en die zijn niet van de poes. Telkens moeten namelijk de Grootloonberg (900 meter aan 4 %, max. 6 %), Burchtheuvel (450 meter aan 6,9 %, max 14 %) en Kolmontberg (900 meter aan 4 %, max. 6 %) nog bedwongen worden. Vooral de passage op een goede twintig kilometer van de aankomst is tricky. De Grootloonberg, Burchtheuvel en kasseien van Manshoven (1300 meter) en Op de Kiezel (1550 meter) liggen op een afstand van amper tien kilometer heel kort op elkaar. Hier moeten de aanvallers het doen. De laatste tien kilometer bevatten geen gecatalogeerde hellingen meer, maar de wegen in Oreye (in de provincie Luik), Heers en Tongeren blijven wel constant glooiend. Ook de laatste kilometer op de Eeuwfeestwal in Tongeren gaat nog lichtjes bergop en bevat in de laatste vijfhonderd meter nog twee scherpe bochten naar rechts. Opletten geblazen dus voor de snelle mannen. De aankomst in Tongeren kennen we overigens ook van de Baloise Belgium Tour van 2018. Fransman Bryan Coquard was toen de betere van Christophe Laporte en Roy Jans op Limburgse grond. Ook Jens Debusschere en Zico Waeytens mochten al juichen op Tongerse grond. Drie WorldTeams kleuren dit jaar de Ronde van Limburg, dat zijn er alvast twee meer dan vorig jaar. Lotto Soudal, Intermarché-Wanty-Gobert en Qhubeka-ASSOS komen met sterke formaties aan het vertrek, in een jaar waarin overwinningen pakken niet gemakkelijk is. Alpecin-Fenix, B&B Hotels, Bingoal Pauwels Sauces WB, Sport Vlaanderen-Baloise, Arkéa-Samsic en Uno-X zorgen voor de inbreng van de ProTeams. Zij worden aangevuld met twaalf continentale formaties. Het Waalse Intermarché-Wanty-Gobert kwam dit seizoen moeilijk op gang, maar vindt in de Giro d’Italia alsnog een tweede adem. Rasaanvaller Taco van der Hoorn zorgde voor een prachtige ritzege, maar ook de rest van de ploeg koerst aanvallend. Eigenlijk werd die positieve sfeer al ingezet in de Ronde van de Algarve, door Danny van Poppel. De rappe Nederlander botste er twee keer op Sam Bennett, maar werkte wel ijzersterke sprints af. Dat moet voor Van Poppel, vorig jaar winnaar van de Gooikse Pijl, naar meer smaken Ook John Degenkolb is op dreef. Zijn Vlaamse klassiekercampagne is niet geworden wat hij ervan verwacht had. Maar sinds de tweevoudige monumentenwinnaar daarna de competitie hernomen heeft, duikt Degenkolb wel regelmatig vooraan in de uitslagen op. Tweede in de openingsrit van de Ronde van Valencia, zesde in de lastige Tro Bro Léon, en telkens winnaar van de pelotonsprint. Slecht is dat niet. De Duitser van Lotto Soudal rendeert bovendien het beste na een lastige koers, zoals deze Ronde van Limburg. Het derde WorldTeam, Qhubeka-ASSOS, rekent op de diensten van Zuid-Afrikaan Reinardt Janse van Rensburg. De 32-jarige Van Rensburg is allesbehalve een winnaarstype – zijn laatste grote overwinning dateert al van 2016 – maar hij heeft de capaciteiten om zich goed te plaatsen, vaak met top 5-plaatsen als gevolg. Meestal doet Van Rensburg dat op het WorldTour-niveau. Het zal hem deugd doen om eens een niveautje lager te koersen en nu misschien wél mee te doen voor de hoofdprijzen. De formatie van Gino Vanoudenhove heeft ook Carlos Barbero achter de hand. De nog altijd maar 19-jarige Olav Kooij rijdt op papier wel voor het WorldTeam van Jumbo-Visma, maar mag hier nog eens met de opleidingsformatie komen opdraven. Kooij, vorig jaar ritwinnaar in de Settimana Coppi e Bartali, heeft zich in anderhalf jaar tijd al opgewerkt tot een renner die je er in dit soort koersen altijd moet bijzetten. De snelheid heeft de piepjonge Kooij ontegensprekelijk. Alleen de ervaring en behoorlijke plaatsing mist het toptalent soms nog. Dat was vorige week in Hongarije nog te zien. De Franse ProTeams B&B Hotels en Arkéa-Samsic hebben ook snelle mannen in hun gelederen. Wat dacht u van respectievelijk Luca Mozzato en Daniel McLay. De 23-jarige Mozzato doet het eigenlijk al twee jaar aan een stuk voortreffelijk bij de profs, maar dit seizoen mag je toch zijn seizoen van de doorbraak noemen. De Italiaan won de pelotonsprint in Nokere Koerse en ook in de Scheldeprijs was hij er dichtbij. Alleen die zegeruiker mist nog. Ook Jens Debusschere zou hier nog eens kunnen uithalen. Arkéa-sprinter McLay was hier op de aankomst in Tongeren ooit al eens tweede na Zico Waeytens in de Baloise Belgium Tour en heeft hier dus goede herinneringen. Het is alleen de vraag of de aalvlugge McLay al over zijn beste benen beschikt. Zijn negende plaats in het Circuit de Wallonie van vorige week was pas de eerste sprint die McLay dit seizoen afwerkte. Schort er iets of komt de Brit nu pas op gang? Met Christophe Noppe beschikt de ploeg over een uitstekend alternatief. Op Mallorca nam de Oost-Vlaming het op tegen André Greipel en Alexander Kristoff, hij mag dan ook zeer tevreden zijn met de derde podiumplaats die hij daar versierde. Het moet de 26-jarige Noppe doen verlangen naar meer. Amaury Capiot durven we nog niet bij de favorieten plaatsen. Sinds zijn valpartij in Parijs-Troyes is de wereldkampioen in ereplaatsen bij elkaar rijden helaas nog altijd niet de oude door een rugprobleem. Ook Timothy Dupont mag in dit soort wedstrijden nooit op het favorietenlijstje ontbreken. De 33-jarige Dupont kan op een goede dag alle sprinters aan en herleeft dit seizoen bij het Bingoal Pauwels Sauces WB van Christophe Brandt. De overwinning tegen mannen als Giacomo Nizzolo, Christophe Laporte en Nacer Bouhanni blijft het meeste bij, maar Dupont staat er eigenlijk altijd. Zijn Waalse ploeg zit al een heel seizoen in een fantastische flow. Plukken ze daar nog eens de vruchten van? Maar er zijn nog meer landgenoten om naar uit te kijken. Denk maar aan Stan Van Tricht, the next big thing uit de stal van SEG Racing Academy. Amper 21 jaar, maar op Griekse bodem dit seizoen wel al de pannen van het dak gereden. Bovendien bevestigde hij eerder deze week met een zevende plek in het Circuit de Wallonie de verwachtingen. Sport Vlaanderen-Baloisesprinter Arne Marit is een jaar ouder, maar daarom niet minder talentvol. In de meest recente Ronde van Hongarije reed hij zich uit de naad voor ploegmaats Warlop en Weemans, maar de machtssprinter vindt hier in Tongeren wel een aankomst die hem op het lijf geschreven is. Outsiders vinden we in de persoon van Marcel Meisen (Alpecin-Fenix), de Duitse kampioen die het sindsdien moeilijk heeft om te bevestigen. Maar ook iemand als Daniel Hoelgaard (Uno-X) is verre van kansloos. Ook Jarrad Drizners (Axeon Hagens Berman), Matthew Bostock (Canyon Dhb), David van der Poel (Alpecin-Fenix), Alfdan De Decker (Tarteletto-Isorex), Martijn Budding (BEAT Cycling) en waarom niet Thibau Nys (Telenet-Baloise Lions) – sinds vorige week de nachtmerrie van Mark Cavendish – hebben een snelle sprint in huis. Update 23/5 (15.30 uur): Tim Merlier ontbreekt in het favorietengedeelte en onze sterrenverdeling omdat hij pas in laatste instantie aan de deelnemerslijst is toegevoegd door zijn ploeg Alpecin Fenix. Merlier en co wachten wel nog altijd op een officiële toestemming van Giro-organisator RCS, omdat de voormalige Belgische kampioen de rittenkoers vroegtijdig verliet met darmklachten. Merlier versloeg in de Giro de snelste sprinters ter wereld, dus bestaat er geen twijfel over dat hij hier de topfavoriet is. De renners zullen maandag niet met een ideaal koersweertje te maken krijgen. Dankzij temperaturen tot 16 graden Celsius wordt het nooit echt koud, maar de regenbuien zouden een cruciale rol kunnen spelen. Volgens Meteovista kan dit oplopen tot 6 mm. De wind komt uit het zuidwesten en blaast met een kracht van vier Beaufort. Sporza op één brengt de Ronde van Limburg voor het eerste live op het scherm. Vanaf 16.15 uur zijn er rechtstreekse beelden beschikbaar. Om 17.55 schakelt men over naar Canvas voor het slot.